Kennisbank · Dossier en leveranciers
Bill of Materials. Waar je dossier begint.
Een Bill of Materials, kortweg BOM, is de stuklijst van je product: alle onderdelen, materialen en stoffen, en ook de verpakking. De Europese regels voor stoffen en productveiligheid noemen hem niet bij naam. Toch kun je zonder stuklijst de meeste eisen aan stoffen en aan je technisch dossier niet onderbouwen.
Bijgewerkt op 13 oktober 2026 · leestijd 6 minuten · algemene informatie, geen juridisch advies
Wat is een BOM?
Een BOM beschrijft per onderdeel waarvan het gemaakt is. Niet "kunststof" of "metaal", maar het specifieke materiaal, zoals ABS (een veelgebruikte harde kunststof) of roestvrij staal 304. Per materiaal staan de stoffen erin die er bewust aan zijn toegevoegd, zoals kleurstoffen, weekmakers, lijmen, inkten en coatings. Bij elke stof hoort een CAS-nummer. Dat is het unieke nummer dat de Chemical Abstracts Service, onderdeel van de American Chemical Society, aan een chemische stof geeft. Zo is duidelijk om welke stof het gaat, ook als die meerdere namen heeft.
Verder staat erin hoeveel van een stof erin zit, hoe zwaar een onderdeel is en of je het bij gebruik kunt aanraken. Ook de verpakking hoort erbij: doos, zak, folie, opvulmateriaal, etiket, inkt en lijm. Een BOM hoort bij één artikelnummer en één versie, gedateerd en ondertekend door de fabriek.
In de Europese regels voor stoffen en productveiligheid komt het woord BOM niet voor. Ze bepalen wat je moet aantonen, niet in welk formulier. Bij speelgoed komt de wettekst er wel dicht bij. De speelgoedrichtlijn vraagt in het technisch dossier om een lijst van de gebruikte onderdelen en materialen. Daarbij horen de veiligheidsinformatiebladen van de gebruikte chemische stoffen: documenten over de gevaren van een product als lijm of verf.
Waarom je hem nodig hebt.
De Europese regels voor chemische stoffen gelden zelden voor je product als geheel. Ze gelden per onderdeel, per materiaal of zelfs per laag, en welk niveau telt, verschilt per regel. Of je product voldoet, kun je dus alleen beoordelen als je weet waaruit het bestaat.
Neem elektronica. De RoHS-richtlijn beperkt tien stoffen, waaronder lood, kwik, cadmium en vier ftalaten, een groep weekmakers. De grens is 0,1 procent van het gewicht, voor cadmium 0,01 procent, op enkele vrijstellingen na. Die grens geldt per homogeen materiaal. Dat is een materiaal dat je niet verder kunt scheiden door schroeven, snijden of schuren, zoals een laklaag of een soldeerpunt. Een product kan gemiddeld ruim onder de grens blijven en toch één laag bevatten die erboven zit.
Voor zeer zorgwekkende stoffen, kortweg SVHC, werkt het anders. Die staan op de kandidaatslijst van REACH, de Europese verordening voor chemische stoffen. Zit er meer dan 0,1 procent van zo'n stof in een voorwerp, dan geef je je afnemer ten minste de naam van de stof. Een consument die erom vraagt, krijgt die informatie gratis en binnen 45 dagen. Volgens het Hof van Justitie (2015) telt die grens per voorwerp in je product, zoals een kabel of een handgreep. Het gaat dus niet om het product als geheel. Dit is een informatieplicht, geen verbod.
Andere regels kijken weer anders. REACH begrenst bijvoorbeeld PAK's, een groep kankerverwekkende stoffen, in rubber en kunststof onderdelen die met de huid in aanraking komen. Daarom vraagt een BOM of een onderdeel bereikbaar is. De POP-verordening verbiedt moeilijk afbreekbare stoffen, zoals bepaalde vlamvertragers. Ook batterijen, verpakkingen en materialen die met eten in aanraking komen, hebben eigen regels voor stoffen.
Waar de wet om een stuklijst vraagt.
De CE-wetgeving en de algemene productveiligheid vragen allebei om een technisch dossier: de documenten waarmee je aantoont dat je product aan de eisen voldoet. De laagspanningsrichtlijn vraagt daarin om tekeningen en schema's van onderdelen en subassemblages, oftewel samengestelde onderdelen zoals een printplaat. Voor RoHS bouwt de Europese norm EN IEC 63000 het dossier op per materiaal, onderdeel of subassemblage. Daarvoor gebruik je verklaringen van leveranciers, materiaalverklaringen of testresultaten.
Voor producten zonder CE-markering geldt de algemene productveiligheidsverordening, de GPSR. Ook die vraagt om een technisch dossier, met een beschrijving van het product en een analyse van de risico's. Bij die beoordeling tellen onder meer het ontwerp, de samenstelling en de verpakking mee. Een technisch dossier bewaar je meestal tien jaar; voor een wegwerpverpakking onder de PPWR is dat vijf jaar.
Onder de CE-wetgeving is een onvolledig technisch dossier op zichzelf een tekortkoming, ook als het product veilig blijkt. Blijft het onvolledig, dan kan de toezichthouder de verkoop beperken of verbieden. Ook je testplan begint bij de stuklijst: een laboratorium vindt alleen waar het gericht naar zoekt.
Wie hem invult.
Alleen de fabriek weet welke grondstoffen, onderdelen en toeleveranciers ze werkelijk gebruikt. Daarom vult de fabriek de BOM in en onderbouwt ze die met veiligheidsinformatiebladen en verklaringen van haar eigen toeleveranciers. Jij vraagt de BOM op, beoordeelt of hij klopt met het product dat je ontvangt en bewaart hem in je technisch dossier.
De verantwoordelijkheid blijft bij jou. Breng je een product onder je eigen naam of merk op de markt, dan geld je als fabrikant. Dat geldt ook als een fabriek in Azië het product maakt. Importeer je het merk van een ander, dan controleer je of de fabrikant het technisch dossier heeft opgesteld. Een onjuiste opgave van de fabriek ontslaat je niet van je plichten; hooguit heb je een claim op de fabriek.
Een andere kleur, een ander materiaal of een nieuwe toeleverancier verandert de samenstelling. Spreek daarom af dat de fabriek wijzigingen vooraf meldt en een nieuwe versie aanlevert.
Als de fabriek zich op geheimhouding beroept.
Een fabriek die haar receptuur niet wil delen, heeft een begrijpelijk belang: een samenstelling of een lijst van toeleveranciers is gevoelige bedrijfsinformatie. Toch is geheimhouding geen reden om zonder onderbouwing in Europa te verkopen. Tegenover een toezichthouder kun je je niet beroepen op de geheimhouding van je leverancier.
Geheimhouding en een volledig dossier sluiten elkaar niet uit. Je hebt lang niet altijd de volledige receptuur nodig, wel genoeg informatie per materiaal om het aan de regels te toetsen. Een toezichthouder die je dossier opvraagt, moet bedrijfsgegevens zelf ook geheimhouden. En met afspraken over geheimhouding kan een fabriek gevoelige gegevens delen zonder dat die verder komen dan nodig. Welke route past, hangt af van je product en je fabriek.
Blijft een fabriek weigeren, dan is dat op zichzelf een signaal. Vaak kent de fabriek de samenstelling zelf niet, omdat ze onderdelen inkoopt zonder documentatie. Juist dat risico willen de regels afdekken. Weeg dan af of je het product met de wel beschikbare informatie kunt onderbouwen, of dat een andere leverancier nodig is.
Waar begin je?
Hoe gedetailleerd je BOM moet zijn, hangt af van je product en de regels die erop gelden. Het Templatepakket bevat een BOM-template met invulinstructie, dat je aan je fabriek stuurt. Het opvragen en beoordelen van een BOM komt aan bod in module 2 van de Basistraining.
Bronnen: REACH (EG) 1907/2006, RoHS 2011/65/EU, Richtlijn 2009/48/EG, Richtlijn 2014/35/EU, Verordening (EU) 2023/988, Verordening (EU) 2019/1021, Verordening (EU) 2025/40 (EUR-Lex) en het arrest van het Hof van Justitie in zaak C-106/14. Stand van zaken op 13 oktober 2026.
Waar het vaak misgaat.
"Kunststof of metaal is genoeg als materiaal."
Met een algemene aanduiding kun je niet bepalen welke eisen gelden. Per onderdeel hoort het specifieke materiaal in de BOM, zoals het type kunststof of de soort staal.
"De verpakking hoort niet in de BOM."
Doos, folie, etiket en losse accessoires zoals een kabel of adapter horen er ook in. Ook daarvoor gelden regels voor stoffen, voor verpakking sinds 12 augustus 2026 onder de PPWR.
"Deze variant is hetzelfde als de vorige."
Elk artikelnummer krijgt een eigen BOM. Een andere kleur of een ander onderdeel kan een andere samenstelling betekenen, en daarmee andere testen.
"We hebben testrapporten, dus een BOM is niet nodig."
Een test laat alleen zien waar in het geteste monster gericht naar is gezocht. De BOM bepaalt welke testen nodig zijn; de rapporten zijn het bewijs daarbij.
Zo ga je verder
Begin hier, en bouw verder.
Het templatepakket is de eerste stap. Daarna volg je de training, met tegelijk advies over wat er op jouw producten geldt. Testrapporten en artwork laten beoordelen is de laatste stap, op verzoek en op uurbasis.
Stap 1: zelf opzetten
TEMPLATEpakket
€ 199
excl. btw, eenmalig
Zes templates voor de basis van je dossier. Inclusief invulinstructie.
Bill of Materials
Declaration of Product Identity
Risicobeoordeling (GPSR)
Model EU-conformiteitsverklaring
Verpakkingsverklaring (PPWR)
Checklist handleiding
Stap 2: zelf leren
Basistraining Product Compliance
€ 599
excl. btw, eenmalig
Je brengt één product uit je eigen assortiment volledig op orde.
Zeven modules, volledig online
Twaalf maanden toegang
Toegang tot 2 kanalen
Leren op je eigen tempo
Tegelijk met stap 2: advies
Framework per productgroep
€ 349
excl. btw
Alle wetgeving die op jouw productgroep van toepassing is, met per onderdeel het bewijs en de norm.
Welke templates je nodig hebt, en wat er nog meer bij hoort
De normen waarop getoetst wordt
Varianten in kleur, maat of aantal vallen eronder
